Methodieken… harnas of ruggengraat?

“Hou op met te roepen wat ik doen moet, ik kan het niet meer horen! Het lijkt wel of je boos op me bent, terwijl ik me hier ook maar in mijn kwetsbaarheid laat zien ”

Het is even helemaal stil in de intervisiegroep, iedereen schrikt van deze uitval van Mieke geadresseerd aan Herman en houdt z’n adem in. Wat gebeurt er?…. Een groep mensen bij elkaar, beschikbaar en bereidt om van en met elkaar te leren.  Mieke heeft een casus ingebracht en aangegeven niet met een methodiek te hoeven werken.  Op het moment dat ze begint te vertellen reageren haar intervisiegenoten al rap enthousiast uit herkenning en betrokkenheid. De vragen en adviezen buitelen over elkaar heen..  Herman en de andere intervisanten worden het onderwerp ingezogen en zien Mieke met haar vraag niet echt meer als een persoon die een onderwerp voor intervisie inbrengt…

 

harnasHoe kan een methodiek of model geen keurslijf zijn dat blokkeert, maar een hulpmiddel dat veiligheid, ruimte voor creativiteit en kracht biedt?

Het vastleggen van een bijeenkomst in een vaste vorm heeft het voordeel van duidelijkheid en het gevaar van vastheid.

Waar bestaat die vaste vorm uit:

 

Het Instrumentarium (het wat):  De middelen waarmee het doel wordt bereikt, welke methode wordt daarvoor gekozen.

 

De Structuur (het procesverloop, de rolverdeling, de tijdsbewaking etc.) kan zowel de ruggengraat als het harnas worden. Het omgaan met de structuur is daarmee een delicaat proces.

 

De Cultuur (het hoe) Het is de manier van werken  die bepaalt hoe het er aan toegaat.  De wijze van samenwerken, het omgaan met de gestelde grenzen, de onderlinge communicatie, het omgaan met elkaars competenties, etc. . De cultuur bepaalt of men met plezier werkt.

 

Als dynamisch evenwicht hangen de drie aspecten structuur, instrumentarium en cultuur direct met elkaar samen. In de intervisiepraktijk kan binnen elk onderdeel aanpassing nodig zijn, ingezet op basis van de wensen en ervaringen van de direct betrokkenen. Zij hebben zelf de regie in handen, met het doel van de intervisie voor ogen, hoe ze dit evenwicht willen vormgeven. Er zit veel ruimte tussen perfect moeten hanteren en maar wat aanrommelen. Er is veel ruimte om vrij en creatief met structuren om te gaan, zodanig dat het de individuen én de groep ondersteunt in zijn verder ontwikkelproces.

Henk benadrukt dat het natuurlijk helemaal niet zijn bedoeling is om boos over te komen, hij weet van zichzelf dat hij hard kan gaan praten als hij enthousiast is .  Mieke zegt dat ze het ook niet slecht meent maar niet anders kon dan HO! roepen.   “”En ik werk toch liever met een vaste vorm, dat voelt veiliger.”  Ze kiezen gezamenlijk  voor een vorm waarin reflectie is ingebouwd op de vragen die je wilt stellen aan de case-inbrenger.  En waarin Mieke zelf bepaalt op welke vragen zij ingaat, daarmee blijft zij aan het stuur van haar leerproces.  De kans op nieuwe inzichten wordt zo aanzienlijk vergroot, de bijeenkomst tilt zichzelf naar een ander niveau.  En dan gebeurt er toch echt wat anders dan tijdens de gebruikelijke collegiale consultatie tussen  Mieke en Henk bij het koffieapparaat.

Wat zijn jouw ervaringen met methodieken, ervaar je ze als harnas. ruggengraat, of zelfs nog anders? Heel fijn als je het hieronder deelt!

3 Responses to Methodieken… harnas of ruggengraat?

  1. Imro Dennert 30 november 2016 at 17:58 #

    (ik vervolg de voorbereiding thuis)

    Ben het met je laatste opmerking eens Marlies. Als de groep vertrouwd is met een bepaalde methode zal die minder gauw als een hinderlijk harnas aanvoelen.

  2. Imro Dennert 30 november 2016 at 15:02 #

    In de regel hou ik van methodieken omdat die structuur bieden. Ik moet echter wel het gevoel hebben dat ze me helpen (en praktisch zijn). Een methodiek moet niet als een harnas werken waar je je gevangen in voelt.

    • Marlies Maas Geesteranus 30 november 2016 at 15:49 #

      Ben ik met je eens Imro. Vanmorgen zei een deelnemer van een beginnende intervisiegroep tijdens een evaluatie moment: De structuur dwingt je om steeds weer na te gaan: “Waar hebben we het over?…. Keerzijde is dat het soms wat ‘mechanisch/kunstmatig’ voelt om door te gaan na volgende ronde en/of om vragen te ‘verplaatsen naar ander moment’.

      Mijn ervaring is dat zodra de groep vertrouwder raakt met de stappen van de methodiek, het minder kunstmatig of als een harnas aanvoelt.

Geef een antwoord